Tijdens een gezellig etentje in het beste restaurant van Gent, A Food Affair, had mijn vriendin iets gevoeligs met me te bespreken. Gezien de intieme plaats van het gesprek, rook ik misplaatste onraad.
Tussen het voorgerechtje en het hoofdgerecht sneden we de reden van ons etentje aan. Mijn vrouwtje draait nooit rond de pot, wat overigens een weinig voorkomende vrouwelijke eigenschap is. Ze floepte haar mededeling er zeer smakelijk uit: “Tooike, deze zomer wil een man van je leeftijd me meenemen op reis. Deze man is een heel goede vriend van me en we kennen elkaar al voordat jij en ik een relatie hadden. Ik zie het zitten. Gun je me dit?”
Ik draaide mijn glas rode wijn wat harder rond om het aroma van Saint-Emilion Grand Cru 2005 wat beter te ruiken, en ik zei: “Wie ben ik om je tegen te houden. Mijn liefde voor jou is mateloos en onvoorwaardelijk, zodat ik wil dat je je volledig kunt ontplooien binnen onze relatie. Wat uiteraard niet wil zeggen dat je plannen me koud laten.”
Omdat we een stabiele relatie hebben, schrok mijn goed uitziende tafelgenote niet. We hebben bewust gekozen om ons leven samen te ontdekken in alle eenvoud en rust. Na anderhalf jaar weten we wat we aan elkaar hebben. Het was trouwens een belangrijk gegeven dat we elkaar de nodige tijd en ruimte geven. Zoals mijn partner ben ik ook iemand die niet alle dagen bij haar hoef te zijn om me gelukkig te voelen. Zo ga ik ook met fietsgenoten zonder haar elk jaar 10 dagen naar de Vogezen.
Natuurlijk, terwijl we een fietsvakantie hebben, is dit onder mannen. Nu gaat mijn vrouwtje alleen met een andere man weg. Dit is toch een nuance. Maar terwijl ze haar toekomstige reisgenoot al langer kent dan me, heeft ze enkel met me een liefdesrelatie. Dit heeft ze me trouwens nadrukkelijk gezegd tijdens het romantisch etentje op 14 februari vorig jaar. Ze zei bovendien letterlijk: “Als je dit niet ziet zitten, wat aannemelijk zou zijn, dan ga ik niet op reis met die jongen.”
Nadat de schoteltjes van het overheerlijke wokgerecht werden afgediend, nam ik teder haar zachte handen in de mijne en ik kuste haar minzaam. Toen zei ik: “Liefje, hoe egoïstisch en bekrompen moet ik zijn om je dit niet te gunnen. Jullie hebben een geschiedenis samen waarin ik me afzijdig houd. Voordat we een relatie begonnen, was je een zelfstandige vrouw waarnaar ik opkeek. Het aangaan van een relatie betekent niet dat we onze zelfstandigheid moeten, of liever gezegd, mogen opgeven. Onze zelfstandigheid zorgt er juist voor dat onze liefde voor elkaar niet kan verdampen. Ik houd van jou om wie je bent. Dit houdt meteen in dat je mijn bezit niet bent.”
Toen ik dit gezegd had, begon ze te snikken van ontroering. “Weet je, Tooike, je woorden raken me diep en zijn bijzonder heilzaam voor mijn gemoed. Bij jou voel ik me echt geborgen. Dank zij jou bereik ik hoogtes in mijn leven die ik alleen nooit kan bereiken. Je bent de man met wie ik mijn leven verder wil delen.”
Ook dit ontroerde me waardoor mijn ogen vochtig werden. Toen wenkte ik de dienster en we bestelden ons een digustiefje, waaraan we liefdevol nipten. Het was een mooie afsluiter van een bijzondere belevenis van Valentijn.
Ik hoop dat je, beste lezer, dit ook zo intens mag beleven als ik vorig jaar.
Delen

Geen opmerkingen:
Een reactie posten