woensdag 29 december 2010

zaterdag 18 december 2010

vrijdag 10 december 2010

politiek voor ons

180 dagen is het geleden dat we naar de stembus trokken. Ons stemgedrag leverde twee protagonisten op: Elio Di Rupo en Bart De Wever. Beiden beseften de zware taak die op hun schouders lag. En toch slaagden de heren erin om vrij snel een onderling akkoord te bereiken (een herenakkoord). Nu, we moeten dit akkoord niet gaan overdrijven, het was niets meer of minder dan een afspraak van een werkbaar kader.



Op basis van dit kader werden de partijen uitgekozen met wie ze zouden samenwerken voor het uitwerken van een ‘grote’ staatshervorming en het vormen van een nieuwe regering. Het bleek meteen duidelijk te zijn dat de groenen (Ecolo en Groen!) geen deel gingen uitmaken van een regering.


Nadat Bart De Wever zijn opdracht opgelegd door de vorst volbracht en de convergenties had gevonden, kon Elio Di Rupo aan de slag als pre-formateur. Dat was begin augustus. De eerste voorakkoordjes werden gesloten en een staatshervorming met overhevelingen van (homogene) pakketten leek binnen handbereik.


Op dat cruciaal moment gooide Bart De Wever met in zijn kielzog de CD&V een bom. Als men de deelstaten extra bevoegdheden wil geven, moeten daar de nodige financieringsmiddelen bijhoren, wat een normaliteit is. De Franstaligen, onder aanvoering van de PS, beschouwden dit als een provocatie du jamais vu. De hervorming van de noodzakelijke financiering was niet voorafgaand besproken tussen de PS en de N-VA.


De financieringswet en de hervorming ervan zorgde voor een diepe vertrouwensbreuk. Aan Franstalige zijde groeide de ergernis jegens de N-VA: “Pour le N-VA rien a suffit”, zei Philipphe Moreaux.


Inderdaad, de financieringswet is het merg van België en dit verander je niet in een handomdraai. Ik zal u, beste lezer, besparen van het inhoudelijke van de financieringswet. Kort komt het hierop neer: welke middelen blijven federaal en welke kunnen overgeheveld naar de gemeenschappen en wat houdt dit in voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest dat geen gemeenschap is? En hoe kan het solidariteitsprincipe bewaard blijven?


De Franstaligen gingen het belang ervan ook inzien, maar men eiste duidelijkheid van de N-VA. Is deze hervorming de laatste die de Waalse partijen hoeven te slikken? Omdat er geen vooruit geboekt werd, gaf Di Ripo zijn mandaat terug. De vorst toverde alweer een nieuwe term uit zijn hoed en stelde de republikein Bart De Wever als verduidelijkeraan. Hij moest de hele zaak deblokkeren en het onverzoenbare verzoenen. Zijn contacten bleven heel discreet en er werden geen dreigementen geuit voor de camera. Ook ging een ploeg van technici aan het werk om de uitwerking van de financieringswet te bekijken aan de hand van eigen berekeningen.


De Wever werkte na zijn contacten aan een nota waarin iedere partij zich moest herkennen en toegevingen moest doen. De geluiden van de technici waren niet geruststellend en toen ik op 17.10.10 om 15 uur de nota van De Wever diagonaal las, wist ik meteen dat dit absoluut niet gesmaakt kon worden door onze Waalse vrienden. Welgeteld 1 uur na de bekendmaking van zijn nota, werd deze door de PS als te Vlaams omschreven en lag de nota in de prullenmand. De Wever en zijn strategogroep dropen af en zaten mokkend toe te kijken naar een volgende episode.


Zonder de N-VA te willen kennen, stelde de vorst SP.A-kopstuk vande Lanotte aan als koninklijk bemiddelaar. Zijn onderhandelingswijze deed denken aan deze van Dehaene. Een zucht van verlichting ging door de Wetstraat. Hij pakte het heel grondig aan, daarbij geholpen door de NBB en het planbureau. Deze twee instellingen moesten op basis van de ramingen van de 7 partijen een uitkomst verschaffen die eindelijk werkbaar zou zijn voor de finale onderhandelingen over de financieringswet. Jammer genoeg zijn de onderhandelingen wegens familiale problemen thans tot volgende week opgeschort.


Maar intussen zijn de financiële markten ongeduldig aan het worden omdat ons land een hoge staatsschuld met zich mee torst en nog geen enkele inspanning heeft geleverd om de noodzakelijke besparingen in het vooruitzicht te stellen. De regering in lopende zaken kan geen beslissingen nemen en de onderhandelaars voor een nieuwe regeringen reppen met geen woord over besparingen uit schrik voor de ander. Daardoor liep de rente begin deze week op tot 4,02%, wat eigenlijk niet overkomelijk is. Toch mag dit een ernstig signaal heten. Met een staatsschuld van meer dan 100% van we in één jaar kunnen produceren en begrotingstekort van 4,8% is dit niet bepaald een gunstige positie. De vergelijking met Griekenland en Ierland gaat gelukkig niet op want de grootste schuldeisers ten opzichte van de staat zijn wij, Belgen.


Je ziet het. Na 180 dagen staan we nergens. Er is een voorzichtig optimisme te horen in de wandelgangen, maar de onderhandelingen over een sociaal-economisch beleidmoet nog gevoerd worden. En ook hierin staan de PS en de N-VA tegenover elkaar. Mij zou het niet verbazen indien er na de eindejaarsperiode verkiezingen worden uitgeschreven. Of dit wenselijk is, laat ik in het midden.


Delen Follow Tooike on Twitter

donderdag 9 december 2010

ogen

Een traan op je wang,

Zo vol van verdriet.

En toch is deze niet smaakloos,
Het is een moment waarop je
Schaduw je inhaalt.
Deze is niet donker en zwart,
Maar fonkelt in je ogen,
Die heel veel zeggen.


Je ogen lopen vol,
Is het angst voor het onbekende
Voor je toekomst of
Voor je verleden dat je nu inhaalt.


En toch zien je ogen meer dan je schaduw,
Ze zien blikken van anderen

Die lief naar je kijken.
Ze zien weerloze, ontspannende,
Vertederende en soms vragende ogen.

Net als hun ogen,
Verlangen de jouwe naar bevestiging.

Het tranendal meandert op je gelaat,
Zo vol van verdriet,
Verlangend naar iets ongrijpbaars.

De kleur van je ogen verwateren,
Het is de ondergaande zon.
Zo vol van verdriet,
Ze geven zich over aan de zee
Die ruist en je een harmonieuze
Melodie geeft
Die je ogen weer doen stralen


09.12.10


Delen Follow Tooike on Twitter
Site Meter